Pagina's

Rubrieken

Archief

Diversen

Van Midden tot Onder (7)

Door Jan: 31/05/18

Van Midden tot Onder (7)
De fietsreis door China zit erop. Op 7 mei vertrokken we uit Shanghai en op 29 mei maakten we een foto van onze aankomst bij mijn hotel in Guangzhou.

We legden 1663 km af in 21 fietsdagen. Er waren twee hele rustdagen en drie halve. Hoe dichter we bij Guangzhou kwamen, hoe hoger de bergen werden, maar alpinische hoogten hoef je hier niet te verwachten. De bergen bleven gewoon groen. Alleen op de voorlaatste dag moest er geregeld geklommen worden.

Wat de hoogteverschillen betreft, was de reis goed te doen. De tocht werd zwaar door de vochtige hitte. Het zweet stond vaak in mijn handen en bij het nemen van een helling moest ik extra knijpen om mijn greep op het stuur te houden. De hitte deed ons ook vaker pauzeren en ik heb heel wat liters cola en bier door mijn lijf gejaagd. De dorst hield ook ’s nachts aan. Ik greep ook dan vaak naar de fles.
We zijn door vele dorpjes gekomen omringd door rijstvelden die een weeïg zoete geur verspreiden. Door bosgebieden met bamboebomen die soms als plumeaus over de weg hingen. Het uitzicht had aan beide kanten vaak het schema akkers en velden, groene heuvels er achter en blauwe bergen in de verte.

Toch hebben we relatief veel door stedelijke gebieden gefietst. Het zwaartepunt van de Chinese bevolking ligt in het oosten en zuidoosten. De provincie Guangdong heeft meer inwoners dan Duitsland , resp. 104 en 80 miljoen. In de voorsteden van Guangzhou waren bouwwerkzaamheden aan de gang. Vele kilometers lang had je het idee dat je over een bouwterrein fietste. Wegomleggingen, vrachtverkeer, graafmachines, betonmolens, slooppanden, verhoogde putranden, enz. Aanhoudende herrie en veel stof happen. Het gemotoriseerde verkeer laat met claxons blijken, dat ze niet op dat fietsgrut zitten te wachten.
Guangzhou binnenrijden is geen kunst, mijn hotel vinden was dat wel. Frances maakte gebruik van haar smartphone. Soms reden we verkeerd. De correctie deden we op zijn Chinees: terug tegen de stroom in. Oversteken was er niet bij. We raakten elkaar ook nog een keer even kwijt. Terwijl ik op een trottoir me afvroeg welke kant ik nu op moest, keek ik in de gezichten van Afrikanen. Is er een Afrikaanse gemeenschap in Guangzhou? In mijn hotel maar even de Chinese google geraadpleegd. Sinds begin jaren ’90 is er een groeiend aantal Afrikanen (in het Chinees ‘zwarte mensen’, hei ren) om economische redenen gekomen. Hoofdzakelijk uit Nigeria en Mali. Ze hebben geen definitieve verblijfsvergunning, maar velen laten hun visum verlopen en kunnen een terugreis niet betalen. Controles hebben geleid tot rellen en verscherpte aandacht bracht hun aantal van 16.000 terug naar ruim 10.000. Uit het artikel krijg ik de indruk dat de Chinese autoriteiten met die Afrikaanse gemeenschap in hun maag zitten. Islam, drugs, criminaliteit, taalproblemen.

De ironie wil dat we gisteren ook de tropen in reden. Even ten noorden van Guangzhou ligt de kreeftskeerkring. Die denkbeeldige lijn is concreet gemaakt met een lijn in een park. Een toeristisch leukigheidje dat we ook in Europa kennen bij het passeren van de poolcirkel. Daar valt (in Finland) te lezen dat die lijn heel langzaam heen en weer schuift door veranderingen in de positie van de aardas. Daar merken we niets van. We kunnen rustig slapen.
De lezer zal wel eens gehoord hebben van de Peking-mens. Een van de oudste mensen die op eigen benen kon staan. Zijn fossiel werd gevonden in de jaren ’20 van de vorige eeuw. Bij Shaoguan heeft de gemeente een museum om een ander stukje mens gebouwd. Dat werd in 1958 gevonden bij het dorpje Maba even buiten de stad. Volgens een informatiebord is de Maba-man honderdduizend jaar oud. Het fossiel stelt weinig voor (midden).

Een stukje schedeldak en het bovenste deel van de oogkaswallen. Ik noem hem maar een Chinese Neanderthaler. Het museum heeft hem met een vergroot borstbeeld uitgebeeld bij de ingang. Een man met een snor en sik.
In een vorige aflevering was een foto van in plastic folie verpakt serviesgoed. De Kantonnezen hebben de merkwaardige gewoonte om na het verscheuren van de folie de kommetjes en het bordje met thee af te spoelen. Zit je op straat te eten, dan gooien ze het theewater op de grond. In restaurants staat er een spoelbakje op tafel. Ik neem aan dat het eetgerei voordat het wordt ingepakt schoon is gemaakt. Een achterhaalde gewoonte zou ik denken.
In het bovenstaande gebruik ik de naam Guangzhou. Veel gebruikelijker is Canton. De Portugese kolonisten gebruikten voor dit gebied de naam Cantao, die een verbastering is van de provincienaam Guangdong (dong is oost, net als in de naam van Mao). Op een geheimzinnige manier is in het Engels de naam van de provincie overgegaan op die van de stad.

De stad aan de Parelrivier is zeer oud en heeft een bewogen geschiedenis. Ook in de buurt van mijn hotel is in de 19de eeuw veel beweging geweest. Mijn hotel heet Shamian en dat betekent gewoon ‘zandbank’ en op die zandbank verrezen vele Europese gebouwen, nadat in twee Opiumoorlogen door de Engelsen en Fransen concessies waren afgedwongen. De bekendste voor Engeland was Hongkong, 120 km ten zuiden van hier. De meeste gebouwen die onder bescherming staan, zijn gebouwd tussen 1861 en 1920. Ook Nederland heeft hier een diplomatieke vertegenwoordiging gehad. Het doet hier wat westers aan. Ik kan koffie drinken en lasagna eten met Duits bier.

In de lobby van het hotel staat een grote doos waarin mijn grotendeels gedemonteerde fiets zit. Een fietsenzaak vlakbij heeft daar voor gezorgd. Morgen tracteer ik mijn fietsgenotes op de afscheidsetentje en de volgende dag breng ik vooral door met in de rij staan en wachten op het vliegtuig dat me naar Melbourne brengt.
Guangzhou, provincie Guangdong, China
31 mei 2018

 

 

Tags:

Nog geen commentaren

Nog geen commentaren.

RSS feed voor commentaren op dit bericht. TrackBack URL

Sorry, the comment form is closed at this time.